zicht van de tweede verdieping van het Wageningen University & Research gebouw met lichte werkomgeving gecreëerd door grote transparante gevel met een groen binnenklimaat en brede vides en loopbruggen

aanpasbaar voor de toekomst

3e Onderwijsgebouw WUR

Het 3e onderwijsgebouw is uiterst flexibel met een modulaire opzet. Het gebouw kenmerkt zich door een open structuur. Aan het atrium, die bijeenkomstfuncties en food pop-up voorzieningen herbergt, zijn de verschillende onderwijs- en laboratoriumruimten verbonden. Een ruime, centrale trap voert door het gebouw. Rondom deze trap is een diversiteit aan werkplekken te vinden. De opzet bevordert interactie en spontane ontmoeting. Rekening is gehouden met de benodigde aanpasbaarheid, óók voor de toekomst. Collegezalen kunnen met elkaar verbonden worden. En in de toekomst kunnen de collegezalen omgebouwd worden tot laboratoria.

Functie:
onderwijsgbouw met onderwijsruimtes, kantoren, practicumzalen, collegezalen en restauratieve voorzieningen

Opdrachtgever:
Wageningen University & Research

Locatie:
Wageningen

Het ontwerp wordt flexibel om in de toekomst te kunnen anticiperen op de te veranderen ruimtebehoefte en functiewijzigingen. Om in te kunnen spelen op deze benodigde flexibiliteit wordt het derde onderwijsgebouw mogelijk in drie fasen gerealiseerd. LIAG heeft met extra tussenfases en uitbreidingsmogelijkheden ingespeeld op mogelijk veranderende leerlingaantallen in de toekomst. In het gebouw zullen naast onderwijsruimtes, kantoren en practicumzalen ook collegezalen en restauratieve voorzieningen komen.

Zichtbaarheid van de kernwaarden

In het ontwerpvoorstel van LIAG worden de kernwaarden en identiteit van de WUR zichtbaar gemaakt. Het motto “improve the quality of life” van de WUR is door LIAG in een duurzaam en gezond gebouw vertaald. Geen anoniem onderwijsgebouw maar een duurzaam en leesbaar gebouw dat laat zien waaraan gewerkt wordt bij de WUR. Zo is van buiten te zien wat zich in het gebouw afspeelt. Het resultaat is een gebouw met een open en uitnodigende uitstraling met logisch op elkaar afgestemde functiezones: een gebouw dat voor de gebruikers verder geen uitleg nodig heeft.

Het onderwijsgebouw is ontworpen volgens het BENG-principe. Zo wekt één van de gevels energie op. Het gebouw heeft daarnaast een ‘groene’ uitstraling. Planten vormen een belangrijk onderdeel in het interieur.

Aansluiting op de campus

Het gebouw krijgt een sterk eigen karakter, gekenmerkt door daglicht, overzicht en sterke relaties tussen binnen en buiten.. Het sluit met zijn eenduidige vorm aan bij de overige gebouwen van de gehele campus. Voor de gevels is gekozen voor een integraal concept. Horizontale gevelbanden omsluiten het gebouw en lopen via de atria door van buiten naar binnen. Deze banden hebben verschillende functies uiteenlopend van passieve zonwering, opwekking van zonne-energie en reflectie van daglicht tot diep in het gebouw. De gevel op de begane grond zal transparant uitgevoerd worden om de relatie tussen binnen en buiten te versterken.

Het integraal ontwerpteam dat eerder samen heeft gewerkt bij de ontwikkeling van het Prinses Máxima Centrum, bestaat naast LIAG architecten en bouwadviseurs uit de volgende partijen: Halmos adviseurs (installatieadvies), DGMR (bouwfysica) en Zonneveld ingenieurs (constructie). LIAG architecten en bouwadviseurs is ook verantwoordelijk voor het bouwmanagement.

Partners:
Halmos adviseurs, DGMR en Zonneveld ingenieurs

Gerelateerde projecten

Dit vind je misschien ook interessant

Benieuwd naar een verhaal over architectuur waar je gelukkig van wordt?

neem contact op